Nipte overwinning voor HBC 3
door Kees van Bruggen
De laatste wedstrijd voor HBC 3 ging tegen HBC 5 die met Riemersma 100 caramboles, De Keyzer 47 caramboles, Van der Kooi 38 caramboles en Tülner 29 caramboles aantrad. Voor HBC 3 kwamen aan de tafel Wittink 100 caramboles, Wijkniet 50 caramboles en Van Bruggen die ook in deze match weer 2 partijen moest spelen waarin hij de eerste partij 41 caramboles moest zien te vergaren en in de 2de partij 41 caramboles.
Wittink nam het in de eerste partij op tegen Riemersma. Het beloofde een mooie partij omdat beide spelers ieder 100 caramboles moesten zien te maken en daar slaagde Wittink in. Beide spelers gingen niet goed van start. Zo had Wittink na 10 beurten nog maar 19 caramboles op het scorebord laten aantekenen. Riemersma echter liet nog maar 10 caramboles noteren in de eerste 10 beurten. In de beurten 11 tot en met 20 leek het of Riemersma de match naar zich toe trok door in de 13de beurt een serie van 8 te maken een voorsprong van 1 carambole te nemen. Wittink echter sloeg in de 14de en de 19de beurt keihard terug met een serie van 10 om zo zijn voorsprong tot en met de 20ste beurt uit te bouwen naar 17 caramboles. Riemersma maakte in de beurten 21 tot en met 30 slechts 6 caramboles waarvan in de 30ste beurt en serie van 3. Wittink bleef cool en maakte in de 24ste en 27ste beurt een serie van 5 om vervolgens in de 29ste en 30ste beurt telkens een serie van 6 te maken en breide zodoende zijn voorsprong na 30 beurten uit tot 37 caramboles. Dit gaf als tussenstand na 30 beurten 66 voor Wittink en 29 voor Riemersma. Ook in de beurten 31 tot en met 40 was Wittink sterker dan Riemersma. Zo scoorde hij o.a. in de 32ste beurt een serie van 4, in de 34ste een serie van 5 en in de 36ste beurt een serie van 6 en bracht hij zijn totaal na 40 beurten op 86. Riemersma maakte in deze beurten 26 caramboles door o.a. in de 36ste en 37ste beurt een serie van 9 te laten noteren en zo wist hij zijn totaal op te voeren naar 55 in 40 beurten. In de laatste 3 beurten wist Wittink nog een serie van 10 in de 42ste beurt te produceren en in zijn laatste en 43ste beurt een serie van 4. Maar ook Riemersma bleef zich in deze beurten roeren en maakte inde 42ste beurt nog een serie van 12 om in de gelijkmakende beurt nogmaals een serie van 5 te maken. Helaas bleef hij daardoor steken op 72 caramboles in een gemiddelde van 1.67. Het gemiddelde van Wittink bedroeg 2.32.
Wijkniet nam het in de 2de partij op tegen De Keyzer. De Keyzer kwam er in deze partij niet aan te pas. Regelmatig kwam Wijkniet tot scoren terwijl De Keyzer dit juist achterwege liet. Zo was de stand na 10 beurten slechts 8 voor Wijkniet en maar 2 voor De Keyzer. In de beurten 11 tot en met 20 was het Wijkniet die de bovenliggende partij was. Hij scoorde in deze beurten totaal 27 caramboles o.a. door een serie van 12 in beurt 12. Voorst scoorde hij nog 2 maal een serie van 4 in de 16de en 19de beurt. De Keyzer wist in deze beurten 15 caramboles te verzamelen door o.a. een serie van 3 in de 12de en 13de beurt en een serie van 4 in de 20ste beurt. Wijkniet wist in de beurten 21 tot en met 30 zijn benodigde 50 caramboles vol te maken. Zo scoorde hij in de 26ste beurt nog een serie van 6 om vervolgens in de 30ste beurt met een serie van 2 de 50 caramboles vol te maken. De Keyzer wist in deze beurten nog wel tot een redelijke score te komen. Zo maakte hij in de 21ste beurt een serie van 3 en in de 25ste en 28ste beurt een serie van 4. In de gelijkmakende en 30ste beurt wist hij niet meer tot scoren te komen en bleef zodoende steken op 30 caramboles in een gemiddelde van 1.00. Het gemiddelde van Wijkniet bedroeg 1.66.
Van Bruggen moest het in zijn eerste partij opnemen tegen Van der Kooi. Beide spelers ontliepen elkaar niet veel. De stand na 10 beurten was 11 voor Van der Kooi en 13 voor Van Bruggen. Van der Kooi wist in de 9de beurt een serie van 6 te maken terwijl Van Bruggen in de 10de beurt een serie van 5 er tegenover stelde. Dit gaf als tussenstand na 10 beurten 11 voor Van der Kooi en 13 voor Van Bruggen. In de beurten 11 tot en met 20 was er ook weinig verschil tussen de beide spelers. Van de Kooi wist zijn score te verhogen met 12 caramboles door o.a. een serie van 2 in de 13de, 14de, 18de en 19de beurt. Van Bruggen wist zijn score op te voeren naar 26 met o.a. in de 12de beurt een serie van 4, in de 15de beurt een serie van 5 en in de 16de beurt een serie van 2. Van der Kooi zette daar in de 21ste beurt een serie van 5 tegenover en in de 24ste en 26ste beurt een serie van 3. In de 27ste beurt maakte hij nog een serie van 2 om vervolgens in zijn laatste en 28ste beurt met een score van 1 carambole zijn 38 caramboles vol te maken. Van Bruggen wist in de beurten 21 tot en met 25 10 caramboles te scoren o.a. door in de 22ste en 23ste beurt een serie van 2 te maken en in de 26ste beurt een serie van 5 om vervolgens zijn gelijkmakende beurt te missen zodat hij bleef steken op 37 caramboles in een gemiddelde van 1.32. Het gemiddelde van Van der Kooi bedroeg 1.35.
In de 4de en laatste partij moest Van Bruggen het opnemen tegen Tülner. Dit was voor Van Bruggen zijn 2de partij. Ook deze beide spelers ontliepen elkaar niet veel. Zo had zowel Van Bruggen als Tülner na 10 beurten 12 caramboles op het scorebord laten aantekenen. Tülner wist o.a. in de 9de beurt zelfs een serie van 9 te maken terwijl Van Bruggen daar een serie van 3 in de 3de beurt, een serie van 6 in de 5de beurt tegenover zette. Van Bruggen ging in de beurten 11 tot en met 20 uitlopen op Tülner met o.a. in 12 beurt een serie van 8, in de 14de beurt een serie van 3 en in de 15de beurt een serie van 5 om vervolgens in de 18de beurt een serie van 9 te laten aantekenen. Zijn voorsprong na 20 beurten was 15 caramboles en gaf als tussenstand 23 voor Tülner en 38 voor Van Bruggen. Van Bruggen wist in de resterende 6 beurten slechts 2 maal te scoren en bleef zodoende steken op 40 caramboles in een gemiddelde van 1.53. Tülner Wist in de laatste 6 beurten nog wel te scoren. Zo scoorde hij in de 22ste beurt nog een serie van 4 en in zijn laatste en 26ste beurt een serie van 2. Hij maakte daarmee zijn beoogde 29 caramboles vol in een gemiddelde van 1.11.
Einduitslag HBC 3 -HBC 5: 42 – 37.